

Nadat de kinderen hun handen hadden gewassen, konden ze meteen aan de slag: in het oude bakhuis roerden de kinderen vol enthousiasme het deeg. Er waren zeven ingrediënten nodig: bloem, gist, suiker, zout, warme melk met water en olie. Vervolgens werd het deeg goed gekneed en leerden de leerlingen dat gist het graag warm heeft en veel tijd nodig heeft. Daarom bleven de voorbereide broden nu in het warme bakhuis staan, terwijl de kinderen naar de schuur liepen. Daar werd vroeger het graan gedorsd. In een korte film leerden zij wat het Westfaalse pumpernickel precies inhoudt. Dit zwarte brood bestaat alleen maar omdat er ooit een brood in de oven was vergeten.

Na de film gingen we alweer terug naar de bakkerij. Nu gingen de broden de voorverwarmde oven in. Maar eerst moesten natuurlijk nog de hete sintels worden weggeveegd, want wie wil er nu as op zijn brood?

En opnieuw was het wachten geblazen. Maar op zo’n oude boerderij verveelt men zich niet: de leerlingen konden namelijk deelnemen aan een spannende speurtocht met veel vragen en raadsels over de verschillende boerderijen.
Tot slot verspreidde zich een heerlijke geur over het erf. Dat was een duidelijk teken: de broden waren nu klaar en werden uit de oven gehaald. Het brood was zo lekker dat de meesten er al op de terugweg van hadden geproefd.
Wij bedanken het toegewijde team van het Boerenmuseum in Vreden voor deze geweldige actie!
Klik voor een grotere weergave van de foto's!
